Yvan en familie zorgen hier al lang voor gebots (en ander kermisnieuws)

Kermissen zijn “straten oud”… Zeker die van Knesselare. Paardenmolens waren heel lang dé attractie bij uitstek op het dorpsplein, maar de jongste decennia was het toch de autoscooter die voor het meeste spektakel zorgde. Dat is ook vandaag nog zo. De familie Hogie zorgt hier al 60 jaar voor de “botsautootjes”. Hieronder hierover een tekst en een prentenbak van Paul Verhoestraete. Verderop korte info over enkele andere kermisactiviteiten.Rondtrekkende attracties en kramen in open lucht ter vermaak van het volk, ze werden destijds al eens verketterd als een bron van moreel verval (alcohol, gokken en spelen…). Voor de meeste mensen zorgden ze evenwel vooral voor momenten van vermaak, tussen oliebollen en suikerspin, voor sociale contacten ook. Ook vandaag blijven ze een bron van verwondering, avontuur en plezier voor kinderen en tieners.

Waar is de tijd toen ‘De Ploatse’ gezellig opgevuld was met kermisattracties. Voor de strenge gevel van het huis van dokter Vanthuyne stond de houten paardenmolen van “Zulma”. Met spiegeltjes beklede witte paarden, twee roze varkens en twee houten banken (voor de “bangeriken’) draaiden rond op een krakend en golvend houten plateau.

Rechtover “Cella’s” kon men ‘olieditsen’ (oliebollen) kopen met een onovertroffen vette smaak. “Den Biljart” van De Meyer (die opvallend goed op Lambik leek – Allez allez, waag uw kans…altijd prijs) was een vaste waarde. De ‘kraantjes’, nog zo’n steeds aanwezig ‘kraam’ op de kermis. Men was er verblind door de schitterende polshorloges waarvan men dacht ze met de inzet van enkele franken te kunnen grijpen. Dit lukte echter bijna nooit, een onbekende kracht liet de prooi onverklaarbaar terug vallen.

Maar bovenal was er ‘den ottoschodere’ (Autoscooter/boxauto’s). Dagenlang kon men eerst de opbouw ervan bewonderen. Het kostte heel wat moeite om met vier tot vijf man de grondplaat ‘waterpas’ uit te zetten. Het was een onoverzichtelijke puzzel die men in elkaar stak. Zware onderdelen werden uit vrachtwagens, die de Tweede Wereldoorlog overleefd hadden, gesjouwd en stuk voor stuk met bouten aan elkaar bevestigd. Het bouwen van het dak was acrobatenwerk en kreeg zijn bekroning met het ontplooien van een enorm zeil. Uiteindelijk kwamen de veelkleurige autootjes  op het roestige circuit te staan. Deze werden echter onmiddellijk afgedekt. Dit deed  de spanning om er mee te kunnen rijden, maar dat was wachten tot zondag, alleen maar toenemen.

De tijden veranderen echter… Vandaag wordt een grillig gevormde kolossale aanhangwagen op het kerkplein geplaatst. Je mag al niet te lang van je koffie drinken op het terras van De Swaene of de autoscooter heeft zich al volledig ontplooid in al zijn kleurrijke, glitterende pracht. Een totaal andere ervaring is dat. Gedaan met het sleuren, je moet al goed kijken om de man nog te zien staan die met een grote afstandsbediening zijn autoscooter als een ontluikende bloem laat openbloeien.

En toch… Er zijn nog zekerheden in de wereld, vaste waarden die blijven terugkomen en dit meer bepaald in de persoon die als een tovenaar vorm geeft aan zijn autoscooter. Die man is namelijk Yvan Hogie. Hij en zijn voorvaderen (Roelandts) komen al ruim zestig jaar de Knesselaarse kermis opvrolijken met ‘den ottoschodere’. Opvolging is trouwens ook al voorzien want zijn zoon en kleinzoon hebben hun eigen kermisattractie.

Negen maanden van het jaar toert hij het land rond, drie wintermaanden van rust brengt hij door in Aalst. Hij is fier op zijn hoogtechnologische attractie maar ondervindt ook dat het steeds moeilijker wordt om daar een verantwoord inkomen uit te halen. Twee handige medewerkers komen een paar uurtjes helpen bij het opzetten en vertrekken dan. De klus is immers op korte tijd geklaard.

Veel Knesselarenaren zullen zich nog wel ‘den Fons’ herinneren die tientallen jaren de vaste knecht was en alom tegenwoordig op en rond de autoscooter. Hij stierf trouwens in zijn kleine woonwagen terwijl de kermis volop aan gang was. Dit werd ons verteld door de vader van de huidige autoscooter eigenaar Yvan.

De vader van Yvan (links op de foto), tachtig jaar oud, woont in Aalst maar doet er alles aan om nog eens naar Knesselare te komen om zijn zoon te helpen bij de opbouw. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. De kermis is zijn leven en hij heeft trouwens nog heel wat mooie herinneringen aan zijn ‘kermisbestaan’.

Ook hij ziet dat Knesselare veel veranderd is. Constant druk verkeer door de dorpskern maakt het werken er niet gemakkelijk op. Heraanleg van het dorpsplein maakt het plaatsen van comfortabele woonwagens onmogelijk. In ‘zijn tijd’ leefde men een weekje samen tussen en met de dorpsbewoners.  Hij kan er wel nog heel goed over vertellen: de cafébazen Cella, Briek, Willy….’t Hooft de fotograaf en…het huis van dokter Vanthuyne, op de hoek met de Hellestraat, waar de paardenmolen van “Zulma” stond. En zo is de cirkel dan toch rond… (P.V.)

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Lees hier Lees hier het vorig jaar op deze blog verschenen artikel (met prentenbak) “Kermissen krijgen het lastig”

Ander activiteiten in kermisweekend

Tijdens de oktoberkermis kunt u ook terecht op de Oberbayernavond van de fanfare in de gemeentelijke feestzaal in de Kloosterstraat (zaterdag 30 september om 20 uur).

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Op kermiszondag is er om 15 uur een wielerwedstrijd voor juniores met start en aankomst in de Kloosterstraat.

Op kermismaandag is er om 9.30 uur in de Sint-Willibrorduskerk de traditionele jaarlijkse mis voor overleden parochianen van het voorbije jaar. Op het gedachtenisprentje, dat daar wordt uitgedeeld, staan de 33 overledenen die hier het voorbije jaar kerkelijk zijn begraven (tussen oktober 2016 en vandaag). Na de mis is er voor alle parochianen de gelegenheid om mee op te stappen naar het kerkhof onder begeleiding van de muziekvereniging WIK.

Een viertal uitspanningen in het dorpscentrum zijn maandag open voor wie met familie, vrienden en kennissen van de parochie een koffie of een glas bier wil gaan drinken. Een bijzonder oud gebruik. Het is vermeld in de archieven van de fanfare van de vroege jaren 1890.

Elk jaar zorgt de parochie voor een gedachtenisprentje van de kerkelijk begraven parochianen

Helaas, dit jaar is er op kermiszondag geen vereremerking van verdienstelijke personen. Die activiteit is – eenmalig, aldus schepen Herlinde Trenson – verplaatst naar zondag 12 november. Toch met enige ongerustheid afwachten of ook deze traditie kan overleven.

Om even bij te mijmeren: zo zag het programma van een stoet er uit op een oktoberkermis in de jaren 1880… Enthousiasme genoeg dus… Zelfs de woensdag bleef men thuis van ’t werk. (Fragment uit Gazette van Eecloo, 1888)

Foto Edgard VdC