1959, toen Knesselare echt bruiste… (Gazettenpraat en foto’s)

Op de wip naar het jaar 1960 was in Knesselare een sterke en ondernemende generatie dertigers en jonge veertigers bezig. Ze organiseerden stoeten, spetterende carnavalsfeesten, een tweede toneelbond, een Dekenij, elfjulivieringen, zangwedstrijden, kunsttentoonstellingen, en zorgden voor een nieuwe voetbalploeg… De moeite om even bij stil te staan: Knesselare 1959.

1959, het jaar van de eerste Barbiepop, het eerste Asterix-album, de eerste DAF. Het jaar dat het nieuwjaarsconcert van de Wiener Philharmoniker voor het eerst op de tv kwam. Het jaar dat Alaska de 49ste en Hawaï de 50ste staat van de VS werden. Het jaar dat openbaar en vrij onderwijs na een schooloorlog een Schoolpact sloten. Het jaar dat Paola en Albert trouwden en de Russische Loena 2 op de maan landde…

Voor Knesselare waren de late jaren 1950 en vroege jaren zestig ongemeen bloeiende jaren. Het verenigingsleven draaide op volle toeren, festiviteiten lokten bijzonder veel volk. In het decennium na de Wereldoorlog nam de welvaart toe, en ook almaar bredere lagen van de bevolking konden genieten van de opkomst van de auto, de televisie, het toerisme. Die “luxe” had evenwel een keerzijde, want ze betekende stilaan ook het einde van de “samenhang” binnen een dorp en het krimpen van het sociaal leven.

Maart: derde carnaval

In de (derde) carnavalstoet ging veel aandacht naar de “duivels der Hellestraat” die de zot geworden heksen moesten temmen en angst aanjoegen met “brandende solfer en pek”, de geforceerde krielhaantjes en hennetjes der Cypriaankraaiers van de Vaartwijk, “een gekakel van jewelste”, de Spaanse zigeuners, de Charlestons uit de Hoekstraat, de cowboys en cowgirls uit de Molenstraat en ’n talrijke groep “verbasterde negers” uit Eentveld. Goeie commentaar was er ook voor het Drieselken met z’n nationale Zoo, voor de “schrikaanjagende indianen uit de Veldstraat”, voor Manten en Kalle…Opgemerkt werden ook de tram uit de jaren 1900 met reus Tijl (uit de Kloosterstraat), dansende karnavalskinderen uit de Kloosterstraat, de ‘Oude Belgen’ “omhuld in dierenvellen en verslaafd aan vrouwen, drank en spel”.

Het jaar van Prins Roger (De Meyer)

Hieronder nog een prentenbak, met foto’s genomen langs de Aalterseweg en op de hoek van de toen nog desolate Prinsengoeddreef.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

April: daar is Jef met zijn talent

Voor het eerst een uitgebreid artikel in de krant over onze latere beroepsrenner Jozef Timmerman. “Het Meetjesland heeft in het rijke Vlaamse Wielerleven een vooraanstaande plaats ingenomen. Van de talrijke aanrukkende jongeren is de 16-jarige klepper uit Knesselare, Jozef Timmerman, stellig een der meest begaafden. Op 15-jarige leeftijd deed hij, als zoon van een sterk geslacht, zijn debuut bij de onderbeginnelingen. Hij behaalde zes eerste, zeven tweede en vier derde plaatsen. In 1958 (beginneling, later nieuweling) won hij negen koersen, werd achtmaal tweede en vijfmaal derde… Voegen we hierbij dat de onkans hem niet had gespaard. Hij kwam op een auto terecht waardoor hij vier weken buiten strijd bleef en viel in Evergem… Zijn supportersclub werd bestuurd door Maurits van Ackere, Cesar Dhondt, Leopold Mouton, Albert Wittevrongel, Achiel De Loof en Gilbert De Bruyne.” Jozef werd later een verdienstelijke prof. Lees meer hierover in dit artikel: wielrenners jef en erne uit onze publicatie “Over Knesselare gesproken. Babbels in de aders van ons dorp” (2011)

Mei: Harop stopt, Harop herbegint

Het Knesselaars voetbal draaide einde de jaren 1950 vierkant. Harop verdween zelfs even van de kaart. In mei 1959 verschijnt nieuws in de krant onder de titel “nieuwe” voetbalploeg”… In augustus meldt Jozef Vanthuyne in de kranten de (definitieve?) stichting van een nieuwe voetbalploeg, onder de leiding van voorzitter Roger De Spae. De naam VV Harop blijft, zwart-wit worden de clubkleuren en vanaf september wordt gestart in eerste afdeling van de KKVS. Een behoorlijk aantal spelers worden “gekocht” in de omliggende gemeenten (Etienne Meire, Roger Schelstraete en André Roose van Sint-Joris, Raf Lips van Zomergem, Antoine Mattheeuws en Henri Verdonck van Maria-Aalter, Jozef Stevens van Sijsele..). Omdat men nu kan beschikken over een 38 spelers, komt er ook een officieel “reserve-elftal”. Andere jongens verdwijnen dan stilaan uit beeld.

Gerard Bouché, Georges Verdonck, Antoine Mattheeuws, Henri Verdonck, Roland Tanghe, Jozef Gyselbrecht, André Roose, Jozef Stevens, Jozef Mouton, Charles Mouton, Roger De Spae. Onderaan: Frans Van Loocke, Arnold Buysse, Jerome Heyse, Henri Cornelis en Jean-Pierre Bouché

Dekenij Kloosterstraat

De Dekenij Tijl was een nieuw initiatief. De groep was samengesteld uit vooral dertigers uit de Kloosterstraat, Kluizestraat en nieuwe Bethunewijk en wou met “volkse gezelligheid” het dorpsleven mee inkleuren. In 1959 en 1960 organiseerde de Dekenij in samenwerking met het actieve Feestcomité met succes grote stoeten en festiviteiten, voornamelijk onder impuls van André Van Hooreweghe, Marcel Dhondt, meester Jozef Arnaut, Wilfried Van den Kerchove, Maurits Van Nieuwerburgh, meester Antoine Magerman en Jozef Vanthuyne… een jaar later is er opnieuw een groot feest en werd onder meer een nieuwe kapel gebouwd op de hoek van de Kloosterstraat en de toenmalige Geuzestraat.

Ongevallen op nieuwe baan

De nieuwe baan Aalter-Maldegem was een stap vooruit, maar betekende zeker in de eerste jaren zonder snelheidsbeperking ook een toename van het aantal (zware) ongevallen. Bromfietser De Lange uit de Zanddijke werd zwaargewond, scooterrijder Dhaese uit Wilrijk kwam zwaar ten val. In september werd Achiel Matthijs uit Oostwinkel op het kruispunt gevat door een auto. Hij liep een schedelbreuk op. In november verongelukt bromfietser August De Corte (Blakte) ter hoogte van café Sportwereld. Hij werd er aangereden door een “sportwagen” en een vrachtwagen. In de jaren 1960 volgen nog meer dodelijke slachtoffers.

Juni: Grote Kunsttentoonstelling

Einde juni organiseerde de Rederijkerskamer (als vereniging ook opgericht in de creatieve jaren 1950) een grote kunsttentoonstelling. Namen deel: Edgard Locks (schilder), Edgard Buyse (sierkunst), Omer Buyse (schilder, met onder meer zijn “magistrale kopie” van de Madonna met Kanunnik Van der Paelen), Oswald Schelstraete en Roland Van Heyste  (schilder- en tekenwerken), Edgard Van de Casteele (portretfotografie en landschappen), Fons Hooft (experimentele fotografie), Gentiel Verhoestraete (met “vernuftige” mekano-prestaties) en Alfons Ryserhove (heemkundige studies). Er daagden zo’n 600 bezoekers op.

Juli: Vlaamse Feestdag

Toen de Vlaamse Feestdag nog een feest was met verzekerde deelname van meerdere verenigingen. De toneelgroep van de Rederijkers speelde op De Plaats het stuk ‘Nu noch’. Andere deelnemers waren de fanfare, de KSA met voordracht en toneel, de BJB-jongens met vendelzwaarien, de KAJ en de BJB-meisjes en VKAJ met volksdans.

Oktober: Zangfestival

Naar aanleiding van de oktoberkermis werd een nieuwigheid uitgeprobeerd: een ‘Festival van het kabaretlied’  (een verre voorloper van BandDate…). Deze editie kende een “zeer ruime bijval”. Gastvedette was de Urselse showzanger Bob Verwilst. Er waren twaalf deelnemers. Maurits Hooreweghe (3de) werd de hoogst gerangschikte Knesselaarse deelnemer. Aureel Scheyving werd zesde. Op de foto burgemeester Maurits Devreese, Roger De Spae, de winnaar Jules Willems uit Beernem en presentator André Van Hooreweghe.

December: reizend toneelgezelschap

In december1959 verenigden toneelliefhebbers zich om een nieuwe toneelgroep op te richten. Jongeren uit de Strijdbroeders-Rederijkerskamer waren ambitieus, waren op zoek naar wat verjonging en vernieuwing, maar wilden vooral ook buiten de gemeente optreden. De toneelgroep Artes ontstond uit een studiekring die hier cultureel actief was. Het eerste stuk was het blijspel Hotel Prison. Uiteindelijk verdween Artes begin de jaren 1960 na een kort bestaan “van het toneel”.

Boven: Firmin Bourgois (Bassevelde) , Antoon Van Hooreweghe, Hubert Van Hooreweghe; Joos De Turck( Eeklo), Omer Van Hooreweghe. Zittend: Jozef Vanthuyne: Walter Van Ryckeghem,(regie), André Van Hooreweghe en Edgard Buyse (grime en decor)